November13
Grappig, elke maandagavond ziet er bijna altijd hetzelfde uit, met kleine verschillen dan. Dinsdag is deadlinedag, en professioneel procrastinateur die ik ben moet ik op maandag meestal nog de helft van mijn werk afmaken.
Maandagavonden beginnen altijd hetzelfde (fase één: ik zet mij met een diepe zucht achter mijn bureau en duik erin), maar vanaf een bepaald punt loopt het altijd anders af. Dat punt ligt meestal tussen tien en elf uur, wanneer ik moe begin te worden en fase twee begint.
Meestal steekt het vanaf dan dik tegen en gaat het ook drie keer zo traag vooruit. Op zo’n avonden eet ik niet, want daar denk ik niet aan, dat vergeet ik gewoon.
Als iedereen waar ik tegen kan zagen over het vele werk uiteindelijk naar bed gegaan is, say, om één uur, dan begint fase drie (als ik dan nog werk heb hé). Dan werk ik voort op automatische piloot, als het ware. Ik denk niet meer na maar doe gewoon. Als ik dan uiteindelijk in mijn bed val ben ik meestal direct weg.
Maar als ik niet zoveel werk heb als gewoonlijk, zoals vandaag dus, ziet fase twee er anders uit. Dan doe ik nog een beetje halfslachtig voort, neem pauze om te eten, en neem tijdens het eten de beslissing om te gaan slapen. Dan sta ik de volgende morgen wel wat vroeger op.
Als ik mezelf toelaat om te gaan slapen valt er echt zo’n last van mijn schouders, da’s echt raar. Zo van, oef, ik mag gaan slapen. En morgen zien we dan wel of het werk afraakt, zorgen voor morgen zijn geen zorgen voor vandaag meer.
Okay, als ik patronen begin te ontdekken in mijn maandagavondgedrag en daar nog over blog ook, dan is het hoog tijd dat ik mezelf in bed steek! Nu dus!
? Ghosts – The world is outside