… Of beter, “met het openbaar vervoer is altijd een hachelijke onderneming”, of misschien, “met de fiets was je er al geweest”.
Gisteren had ik les tot 17:15 aan de Blandijn, en om 19:00 moest ik in Gistel zijn. Volgens nmbs.be en delijn.be was dat geen probleem. Maar in realiteit loopt het toch altijd weer anders.
Gezwind fietste ik van de Blandijn naar het station, so far so good. Maar aan het station verloor ik bijna evenveel tijd als ik erover gereden had aan het zoeken van een plekje voor mijn fiets. Ik ben van het principe, als je je fiets nergens aan vastmaakt is het je eigen schuld dat hij gestolen wordt. Maar omdat de fietsenstallingen aan het station weer uitpuilden met fietsen kon ik niet anders dan hem tegen een boom zetten en de ketting door het achterwiel te steken. Hopelijk verandert dat als de nieuwe fietsenstallingen er zijn, maar dat zal ook maar voor binnen enkele jaren zijn (ik vind geen jaartallen op de website).
Toen moest ik de trein nemen, maar al op dat punt liep het fout: 10 minuten vertraging. Daar doe ik meestal niet moeilijk over, maar dat zou in dit geval betekenen dat ik in Oostende de bus zou missen. Dikke vette fail dus, NMBS.
Bon, ik pleegde een telefoontje om te laten weten dat ik een half uur later zou aankomen. In Oostende moest ik dan dus een klein half uurtje bibberend en bevend staan wachten op de volgende bus, want de busperrons daar hebben geen hokjes of muurtjes of wat dan ook en de wind komt zo ongeveer recht uit het zeegat. (Als ik dan toch aan het zagen en neuten ben kan ik het net zo goed grondig doen hé!)
De bus kwam (op tijd, dat moet gezegd) en ik vroeg de buschauffeur of hij het me kon laten weten als we zouden toekomen aan de halte “Gistel Sporthal”. Die halte lag recht tegenover mijn bestemming dus als ik erin slaagde aan de juiste halte af te stappen, zou daar een einde komen aan mijn reisweg. Alleen, de buschauffeur had nog nooit van die halte gehoord. Hij had ook geen schema’tje bij waar hij even op kon kijken of zo. Hij stopte maar aan twee haltes in Gistel, één aan het blablabla (niet verstaanbaar voor mensen die niet van die côté zijn en dus niet weten waar het over gaat) en één aan het stadhuis, midden in het centrum dus. Ik gokte dat de halte aan het stadhuis dan wel het dichtst bij mijn bestemming zou liggen dus vroeg hij of hij ook wist in welke straat dat was, zodat ik dat kon doorbellen naar mijn papa (die mij daar dan kon ophalen). Dat wist hij niet, maar een mevrouw in de bus wist het gelukkig wel.
We reden door Gistel, en papa stond op mij te wachten aan het stadhuis. Maar ineens zegt de buschauffeur, “zeg juffrouw, we passeren hier een sportterein, is het hier soms dat u moet zijn?” Ik vroeg aan de mevrouw of dit toevallig de Vaartstraat was (waar ik moest zijn), en ja hoor, daar reden we inderdaad door. Uiteindelijk toch nog aan de juiste halte kunnen afstappen dus, en papa weer moeten opbellen.
Ik hoor sommigen al denken, zaag zo niet, ga dan met de auto. Geen optie dat, een rijbewijs heb ik al jaren (‘t is niet dat ik van kwade wil ben dus) maar een auto kan ik me toch pas veroorloven als ik een job heb hoor, binnen 4 jaar dus pas. Dus moet ik nog een paar jaar op de goodwill van trein- en buschauffers vertrouwen, en dat zint me niet. Als er één ding is waar je bij de NMBS en De Lijn op kunt vertrouwen, dan is het wel dat je nérgens op kunt vertrouwen.
















