(Sorry voor de slechte kwaliteit van de foto’s, ze zijn met een webcam genomen, ik heb hier geen kodak liggen.)
Elke donderdagnamiddag hebben we twee lesuren Creatieve Beeldvorming, van één tot kwart na vier dus. Ergens halverwege is er een pauze van een kwartier maar die is niet verplicht, je mag ook doorwerken.
Na zestien lessen (acht namiddagen dus) weet ik het nu wel zeker: dit is mijn lievelingsvak! Ik doe het hoe langer hoe liever. In het middelbaar vond ik PO (Plastische Opvoeding) niet altijd even tof, maar nu vind ik elke les Creatieve Beeldvorming leuk, de ene nog leuker dan de andere. De opdracht die ik het leukst om te doen vond, was de kubus die we moesten “in stukken snijden” en inkleuren met verlooptinten (zie foto). Wat eraan vooraf ging vond ik ietsje minder leuk, maar zeker niet vervelend of zo. Terwijl iedereen aan het zuchten en puffen was en het raam uitstaarde zat ik vrolijk kubussen te schetsen, nog meer kubussen te schetsen, kubussen in te kleuren met grijze verlooptinten en later ook met gekleurde verlooptinten, kubussen over te kalkeren, zijden en doorsneden op te meten en afstanden te berekenen,… Dikke fun, echt waar. Ik word daar helemaal rustig en happy van, van zo’n namiddag creatief bezig zijn.
Om je een idee te geven van wat een opdracht zo ongeveer inhoudt zal ik er eens één uitleggen. Ben je niet geïnteresseerd in saaie zever, lees dan verder vanaf de volgende alinea.
Vandaag zijn we dus aan een nieuwe opdracht begonnen. Je moest voor fotomateriaal van een voorwerp zorgen (zo’n 8 ? 10 cm groot, geen tekening, mocht van internet maar liever niet), de eerste letter van dat voorwerp in Gill Bold Outline zo groot mogelijk afprinten op printpapier, een zwart blad van A2-formaat en minstens 200g (het mijne is maar 160g maar ze hebben het nooit gezien, hah), wat Bristolpapier, een gekleurd blad papier (niet te dik) en natuurlijk potloden, snijmateriaal, kalkeerpapier, stiftjes e.d. Ik had voor een piano gekozen, en dus de letter P afgeprint. Van een kotgenoot heb ik een mooi rood blad papier gekregen. Op kalkeerpapier moesten we met een dun stiftje de silhouetlijnen van het voorwerp doortekenen en daarna beslissen welke lijnen in het voorwerp we wilden accentueren, en dit een paar keer. De mooiste vorm moest je dan overkalkeren op Bristol en uitsnijden, en met een zwart stiftje de lijnen en vlakken binnenin de stilering kleuren. De letter moest je uit het gekleurde papier snijden. Van het zwart blad papier moest je een stuk snijden zodat je een vierkant vn 29,7 cm op 19,7 cm bekwam. Daarna moest je minstens vier voorstudies maken (op printpapier) van hoe je de letter en de stilering op het zwart vierkant zou schikken, en daar ging ik dus net aan beginnen toen het tijd was. De meesten waren nog bezig aan hun stilering en velen hadden nog niet eens hun letter uit het gekleurd blad papier gesneden, dus ik maak me niet echt zorgen. We mogen er thuis verder aan werken en volgende week moet het af zijn tegen het einde van de les.
Ik vind het wel handig dat er voorbeelden van deze opdracht uithangen in één van de gangen van het hoofdgebouw, naast de aula. We hebben ze allemaal al wel eens bekeken als we er passeerden, dus wisten we hoe het er ongeveer moest uitzien. (Soms zijn de opgaven zeer verwarrend en weet niemand hoe het nu eigenlijk moet.)
Rechts zie je hoe het ongeveer zal worden. Misschien dat ik nog van gedacht verander over de plaats van de stilering, maar ik denk het niet.
Vandaag kregen we ook een vorige opdracht en een taak terug. De taak was een herfstblad tekenen met een profielpennetje en Oost-Indische inkt, en omdat ik net als zovelen de opdracht een klein beetje verkeerd geïnterpreteerd had dacht ik dat ik daarvoor wel geen goede score ging krijgen. Maar ik had zowaar een blauw vakje, wat zoveel wil zeggen als “in orde, goed”. Ik geloof dat een blauw vakje overeenkomt met een twaalf. Ik heb altijd blauwe vakjes, behalve toen ik één keer een halfblauw vakje had (tien, nog net geslaagd dus). Dat was de opdracht die ik het minst leuk vond, zeer geometrische en enorm precieze toestanden met millimeterpapier en snijden en plakken (bah, lijm) en zeer fijn werk en zo. Er waren ook zodanig veel tussenstappen dat het originele werk zeker een keer of vier gekopiëerd of overgenomen moest worden, waardoor het op het einde compleet scheef en verkeerd uitkwam. Ik heb die opdracht zelfs helemaal opnieuw moeten maken, want had ik mijn eerste probeersel ingediend, dan had ik zeker een rood vakje gekregen.
Nog een leuk ding aan dit vak is dat we er geen examen van hebben. Het enige dat je moet doen om te slagen is a) naar de les gaan en b) genoeg blauwe vakjes halen. Heb je een rood of een halfrood vakje, dan moet je de opdracht hernemen, en meestal krijg je dan wel een blauw (of zelfs een halfgroen) vakje. Het hangt er dus eigenlijk vooral vanaf of je de opdrachten serieus neemt en er voldoende werk insteekt. Wat voor mij zeker geen plobreem is, ik werk liever vijf uur aan een opdracht voor Creatieve Beeldvorming dan dat ik één uur wiskunde moet studeren.
Tot slot nog enkele dingetjes die we al gemaakt hebben:
- Een tribal met penseel en Oost-Indische inkt
blauw, “Beetje sober maar bruikbaar”
- Een opdracht met profielpennetje en Oost-Indische inkt
die hebben we nog niet teruggekregen, weet ik dus nog geen punten van
- Die oefening op precisie waar ik het over had
halfblauw, “Bristol?!” (Ja zeg ik had er geen meer) & “Haakser monteren!” (Ik vond het nochtans uiterst haaks gemonteerd!)
- Een oefening op verlooptinten die verderbouwde op de vorige
blauw
- Het volledig driestappenplan van de opdracht met de uit elkaar gehaalde kubus
kubus: blauw, techniek: blauw
Ik hoop dat ik ooit eens een halfgroen vakje haal, of dat mijn tekening eens uitgehangen wordt achteraan in het lokaal (daar hangen telkens enkele goede voorbeelden van de opdracht uit de vorige les).
Sorry voor de lange, saaie blogpost, maar daar had ik nu eens zin in, zie. Als je moe bent en geen energie meer hebt moet je denken aan de positieve dingen die er zijn.